Home Contact
fairpen logo
<Overzicht>
FairPen Blog

Veerkrachtige FairPenners
Door Edith Tulp, woensdag 18 april 2012

  

De schooldirecteur van de middelbare school in Katwe –een dorp aan de rand van het Queen Elisabeth Park- heb ik al lang niet meer gezien. Hij is een beminnelijke oudere man die FairPen een warm hart toedraagt en me vanachter zijn houten bureau een waterige maispap aanbiedt. “Ik lees in de nieuwsbrief van de leerlingen”, zeg ik, “dat er een aanslag op u is gepleegd”. De schooldirecteur buigt lichtjes zijn hoofd en wijst op een lang litteken dat verticaal over zijn schedel loopt. “Ik ben nog steeds niet helemaal de oude”, zegt hij. En hij vertelt hoe hij in maart op de dag van de presidentsverkiezingen vlakbij zijn dorp in het pikkedonker is aangevallen. Iemand probeerde zijn schedel te splijten met een hakmes. Dat is niet helemaal gelukt. Wel werd hij voor dood achtergelaten, zijn arm was verlamd en ook zijn been deed het niet meer. Drie maanden lang in het ziekenhuis en het is überhaupt een godswonder dat de man achter zijn bureautje zit. Ook zijn ledematen kan hij gedeeltelijk weer bewegen. Maar de dader is onvindbaar en de angst zit er goed in. “Wat een gruwelijk verhaal”, reageer ik. “In de nieuwsbrief staat daar niets over te lezen”. “Nee”, zegt docent Henry, “de details hebben we er maar uitgelaten, we willen de leerlingen in Nederland niet laten schrikken.”
 
Ik houd ook, stiekem, van sensationeel nieuws. En onze FairPenners in Oeganda, hoewel niet stiekem, zijn daar niet anders in. En er is nogal wat van dat soort nieuws in Oeganda: moord, verkrachtingen, ver(brand)ingen, verkeersongelukken, kindoffers (ja ja), gruwelijke zaken, we/ze lusten er wel pap van. Dus stimuleert FairPen haar leerlingen vooral positief nieuws te schrijven. In Katwe begrijpen ze dat nu wel. Katwe is de eerste (middelbare school) in een reeks van negen die ik in twee weken ‘monitor & evalueer’. Van Queen Elisabeth Park, zo’n zes uur rijden ten zuiden van Kampala, via Masaka en de Ssese Eilanden in het Victoriameer terug naar Kampala om vervolgens weer naar boven naar het noorden door te steken. Op elke school praat ik eerst met de docenten over hoe FairPen in school verloopt en wat voor resultaten ze boeken. Vervolgens praten we met de leerlingen in een ‘newsroom’ over hun laatste nieuwsbrief en waar ze zoal tegenaan lopen. Na afloop van dit kringgesprek interview ik twee leerlingen over hoe FairPen ze verder helpt in het leven. Ik zie leerlingen terug, die twee jaar geleden met FairPen begonnen. Officieel mogen ze niet zo lang in de FairPen-redactie zitten, maar sommige zijn er gewoon niet weg te slaan. Ze helpen de nieuwe FairPenners. Door de jaren heen nu, zie ik leerlingen veranderen. Ze stralen meer zelfvertrouwen uit, geven antwoord op vragen en stellen zelfs vragen! Dat is ongebruikelijk in Oegandese klassen waar alleen kennis wordt gestampt. En al zeker met een muzungu (blanke) praten is eng, heel eng.
 
Net zoals schooldirecteuren maken ook de leerlingen heel wat mee in hun jonge levens. Shanilah in Katwe, heeft ruzie met haar vader, omdat hij niet altijd haar schoolgeld betaalt. Dan wordt ze tot haar schaamte naar huis gestuurd, waar ze moet onderhandelen met haar vader. Ze is heel boos. “Hij heeft vier vrouwen”, zegt ze, “die willen hem alleen omdat mijn vader geld heeft. En daarom betaalt hij mijn schoolgeld niet, Het heeft geen zin om met hem te praten. Maar als mijn broer in de vakantie thuiskomt, gaan we samen naar die vrouwen toe en dan vragen we ze mijn vader met rust te laten”.
 
In Kalangala op de Ssese Eilanden, vertelt Henry me dat hij samen met zijn broertje wees is. Een organisatie betaalt zijn schoolgeld. De vakantie staat nu voor de deur, maar hij verheugt zich er niet op. Zijn tante, die voor hem zorgt, wil hem niet in huis hebben. Daarom zit hij ergens in z’n uppie in een hut. Hij kijkt van me weg, pijn in zijn ogen.
 
 
De 14-jarige Allan, wiens moeder al lang dood is, vertelt me dat zijn ooms zijn vader gaan zoeken die hij nooit gekend heeft. Als Allan lacht, is het alsof de zon gaat schijnen. 
 
 
 
 
In Masaka tref ik een FairPenner diep ongelukkig aan, omdat zijn grote broer en rolmodel een paar maanden geleden is verongelukt. En in Pajule, het noorden van Oeganda, doet de 17-jarige Ensius me verslag over hoe zijn moeder door de rebellen werd ontvoerd en vermoord. Net zoals zijn FairPen-genootje Shonia van 16 leefde hij jarenlang in een vluchtelingenkamp, waar nooit genoeg te eten was.
 
En nu is er weer niet genoeg te eten. Vanwege de inflatie, de droogte, de regen en allerlei oorzaken waarover ze in de nieuwsbrieven schrijven. Ze krijgen op school ’s ochtends waterige maispap en verder staat er alleen maar posho (maisdeeg) en bonen op het menu, dag in, dag uit en vaak niet echt genoeg. Dan hebben ze honger. De vakantie begint nu. Vanwege geldgebrek wat eerder dan normaal. De vraag is of de leerlingen thuis meer eten dan op school. Vaak niet, vaak blijft het thuis maar bij één maaltijd per dag. Door FairPen staan ze er bij stil, hoe dat nu eigenlijk zit met die voedselschaarste. Wat zouden ze doen als ze de president waren? “De corruptie afschaffen”, zeggen ze. “Zorgen dat de prijzen naar beneden gaan, zodat we eten kunnen kopen”.”Een oplossing vinden voor de bananenziekte”. “Meer voedsel importeren”, “Ervoor zorgen dat mensen voedsel opslaan en bewaren” “Gewassen verbouwen die meer opbrengen”. Maar soms zeggen ze ook: “wachten totdat er een ontwikkelingsorganisatie komt die ons eten geeft”. “En als die nou niet komt?”, vraag ik. “Dan accepteren we de situatie zoals die is en wachten we op betere tijden”.
 
Maar onze FairPenners zijn geen zielige kinderen met hongerbuikjes, tranen en vliegen op de wangen, ook al hebben ze aan van alles gebrek. Mijn standaardvraag is: wat maakt jou gelukkig in het leven? De 17-jarige Joventah begint te stralen en zegt: “Wat mij gelukkig maakt is als mijn moeder en mijn leraren van mij houden”. En heel simpel, zoals de 15-jarige Ronald het zegt: “Ik ben gelukkig omdat mijn ouders me te eten en kleding geven en…,ik weet niet, alles is gewoon goed.” Kom daar maar eens bij Westerse kinderen om. Onze FairPenners maken veel mee in het leven, maar ze zijn slim en positief, hebben hoop en zijn vooral veerkrachtig. Dat doet het leven blijkbaar met ze. Wil Oeganda ten goede veranderen, dan ligt de toekomst bij deze kinderen en het is waard daarin te investeren.  
 
Op mijn allerlaatste school in Abim, vertelt de schooldirecteur –ook al zo’n aardige oudere man-  dat hij na een maand aan een zware malaria te hebben geleden op de brommer geplet werd tussen twee botsende vrachtwagen. Hij hield er gekneusde en gebroken ribben aan over en is na drie maanden weer voor de eerste keer op school. Ja, ook ik ben dol op sensationeel nieuws.
 
 

 

DONEREN
Lees de nieuwsbrieven
uit Oeganda


Lees de Fairpen Nieuwsbrief


Volg ons op de sociale media









(46,6228722486678 pages per second. Memory-usage: 24,2512130737305 Mb.) [ObjectCacheCount:48]